Trippel test: Kawasaki Z650 vs Suzuki SV650 vs Yamaha MT-07: legaal triootje

door Thierry Sarasyn 12 mei 2020

Eén van de beperkingen in Corona tijden waar aanvankelijk niemand bij stil stond, is dat het ook verboden is om een triootje te doen. Behalve voor wie fysiek in staat is om anderhalve meter afstand te houden natuurlijk. Zo kwam het dat wij toch met de Suzuki SV650X, de Yamaha MT-07 en de Kawasaki Z650 op pad trokken.

Minder dan 7.000 euro

Voor wie het trouwens moeilijk heeft met het inschatten van de anderhalvemeter regel: beeld je in dat Jan Peumans naast je staat, licht hem een denkbeeldig voetje en de afstand die je nu op de grond ziet, is ongeveer wat je in deze tijden moet voor ogen moet houden. Dat kwam bij wat close racing met het voornoemde drietal mooi van pas. Het uiteindelijke doel van dit triootje? De onderlinge verschillen vaststellen tussen drie naakte middenklasse-motorfietsen die allemaal minder dan 7.000 euro kosten. (of onder de 8.000 in Nederland)

SV650 (X)

De Suzuki SV650 (wij hadden de X-versie met een bikini kuipje maar met een standaard stuur) is er in zijn huidige vorm reeds het langst. In 2016 kwam hij als opvolger van de Gladius op de markt en Suzuki mikte toen vooral op inhoudelijke verbeteringen met een stijl die braaf en traditioneel bleef. De traditionele ronde koplamp beklemtoont dat.

MT-07

Yamaha vernieuwde zijn MT-07 twee jaar geleden. De motor was toen al de populairste in Yamaha’s zevenkoppige MT-reeks en het CP2 blok onderging ondertussen nauwelijks veranderingen. Yamaha gaf zijn populaire naakte middenklasser toen wel een stevige upgrade aan de ophanging mee en ging dieper in de Dark Side of Japan zitten. Onze testrijder omschreef het in 2018 als ‘Black Magic op wielen’. We ontvingen geen boze telefoontje van Dennis, dus de omschrijving moet wel accuraat geweest zijn.

Z650

De Kawasaki Z650 is de motor die meest recent verbeterd werd. Kawa heeft zijn slimme Z dit jaar een upgrade meegegeven, waarbij het blok schoner en pittiger werd. Dat is op zich al knap werk. Daarbij kreeg de motor ook als enige in deze vergelijkingstest een TFT dashboard met smartphone connectiviteit.

Eerste indruk

Het brengt ons meteen bij wat vaak telt als je naar een motor gaat kijken. De vaak geroemde eerste indruk. De Suzuki die we in de test hadden, beschikte over een Yoshimura uitlaat en had daarbij ook nog bestickering van het uitlaatmerk. Zelfs als je door dat laatste heen kijkt, komt je tot de vaststelling dat de Soes de meest klassieke styling heeft. Hij oogt minder hip dan de andere twee. Ook al omdat de klassiek oplopende uitlaat met demper naast het achterwiel bijna als een retro-feature mag beschouwd worden. Hetzelfde geldt voor de swingarm, dat is een sobere rechte balk, op de MT-07 en de Kawasaki is de achterbrug aan de rechterkant golvend over de monding van de uitlaat. Knap.

Hipper

Ook al valt er over smaken en kleuren niet te redetwisten, je kunt er niet omheen dat de Yamaha en Kawasaki hipper ogen. En ze zijn ook daadwerkelijk moderner. Beide motoren hebben het nieuwe(re) uitlaatsysteem waarbij de demper onderaan het blok uitmondt. En ze hebben een jongere uitstraling. Dat de Yamaha er al is van 2018 valt niet op. Hij is goed afgewerkt, heeft een duidelijk herkenbare stijl en oogt agressief.
Dat geldt ook voor de zopas vernieuwde Z650, maar met dat TFT scherm als meerwaarde, het LED achterlicht met Z-vormgeving en de dubbele koplamp waardoor de motor je als een horzel lijkt aan te staren, heeft de Kawa de meest hoogwaardige uitstraling van de drie. Hij is niet voor niets het enige 2020 model in deze test.

Crossplane

Als je de technische fiche bekijkt, zie je dat de SV met 76 pk het hoogste vermogen van de drie haalt. De SV heeft een goed gespreid vermogen en er zit best pit in de twin. Qua fun factor scoort hij lager dan de andere twee. Yamaha heeft het onvolprezen CP2 crossplane blok met 270° ontstekingsvolgorde. Dat leidt tot een koppelrijk en soepel karakter. De Yam krijgt dan ook de prijs voor het meest aangename blok. Hij heeft ook daadwerkelijk het meeste koppel, maar het is vooral de crossplane technologie die ervoor zorgt dat dit koppel ook daadwerkelijk een hoofdkenmerk van het motorkarakter is. Dit blok vinden we ook terug in de Tracer 700, Ténéré 700 en XSR 700 en elk van die motoren wordt geroemd om zijn leuk motorkarakter. De MT-07 bevestigt die regel. Bij een opeenvolging van trage bochten, trekt de Yam zich het best uit de slag. En, foei, hij is ook makkelijkst op één wiel te zetten.

Hernemingen

Kawasaki heeft de kloof met Yamaha op dit vlak zo goed als dichtgereden. Niet door het motorkarakter te kopiëren, maar door zijn blok te laten voldoen aan de Euro5 normen en er bovendien nog wat extra pit aan toe te voegen. Niet op het vlak van pure kracht, want het koppel daalde lichtjes naar 64 Nm. Maar wel door het motorkarakter aan te passen. Bij zijn lancering in 2017 werd de Z al geroemd voor zijn speels ingesteldheid, wel, die is nog toegenomen. Bochtje pikken, accelereren, remmen. Repeat. In dat soort werk is de Kawasaki een waar plezier om mee te rijden.

Bij hernemingen ontlopen de motoren elkaar niet al te ver. Met 40 cc meer en het koppel van het CP2 blok is de Yamaha iets sneller onderin, zwiept de toerenteller omhoog, dan gaat de Kawasaki het hardst. Zo zie je maar dat pure pk's niet alles verklaren. Verhoudingen van de versnellingsbak en de eindoverbrenging zitten er ook voor heel wat tussen. Algemeen overheerst vooral het gevoel van verbazing over hoe vlot en leuk deze tweecilinders rijden.

Sturen en remmen

De gave om gemakkelijk snel te gaan, dankt de Z650 ook aan zijn rijwielgedeelte. Ten opzichte van zijn ER-6 stamvader (het lijkt wel uit een vorig leven) was de Z650 van meet af aan al 10 kg lichter. En met een ophanging die andere instellingen kreeg dit jaar, stuurt de Z650 zo mogelijk nog beter. Rijklaar weegt hij 9 kg minder dan de Suzuki. En op het vlak van remmen laat hij de SV ver achter zich. De assist/slipperkoppeling op de Z650 geeft je ook hopen vertrouwen bij de combinatie van remmen en afschakelen. De Z is ook de enige uit deze test die de assist/slipperkoppeling heeft. Hoogwaardige afwerking, weet je nog?

Ook de MT-07 scoort goed op het vlak van rijwielgedeelte. De Yam is de lichtste van de drie en heeft een ophanging die bij zijn speelse blok past. De remmen bijten net iets minder dan op de Kawasaki, maar zijn wel perfect doseerbaar en zeker krachtig genoeg. Op dat vlak valt er trouwens altijd iets bij te sturen bij het wisselen van de remblokken.

Rijgevoel

De Suzuki SV650X uit onze test had het hogere stuur van de standaardversie en daardoor had de motor ook de meest rechte zithouding. In combinatie met het laagste zadel, zorgt dat ervoor dat je meer rechtop op de SV zit.

Yamaha keert die waarden om en heeft een vrij laag stuur met een zadelhoogte van 805 mm. De hoogste zit, de hoogste voetsteunen en een relatief laag stuur zorgen voor een sportieve houding. Eentje die past bij het totaalplaatje van de motor.

Kawasaki bewandelt de gulden middenweg met een 790 mm zitje en een iets meer ontspannen hoek in de knieën. Goed voor het sportievere bochtenwerk en aangenaam bij langere ritten. Met 15 liter in de tank heeft de Z ook het grootste potentiële benzinevolume aan boord.

Conclusie

De conclusie die we uit deze test trekken is dat de Suzuki nog steeds een heel aangename, leuke en speelse motor is, maar dat hij in vergelijking met de twee andere er wat traditioneler uitziet en een rijgedrag heeft dat bij dat uiterlijk hoort. Het is wel de goedkoopste van de drie, de standaardversie kost 6.599 euro (7.699 euro NL) , de X-uitvoering 6.799 (8.299 euro NL).

Zowel de Kawasaki als de Yamaha kosten 6.999 euro (7.999 euro NL), maar dat prijsverschil is zeker verantwoord. Als je de meerwaarde bekijkt, zijn ze relatief gezien zelfs goedkoper. Op het vlak van uitstraling scoort de Kawasaki Z650 met dat TFT scherm, die Z-vormige LED achteraan en de dubbele koplamp het hoogst.

Qua rijgedrag is de keuze minder gemakkelijk te maken. Daar hangt het vooral af van een voorkeur voor het motorkarakter.
Dat van de Yamaha is zeer typisch voor het crossplane concept en het zorgt voor een koppelrijk karakter. De motor staat bekend om zijn hoge fun-gehalte en die reputatie is absoluut terecht.

De Kawasaki laat zich liever pushen en doet het bovenin het toerengebied best. De slipperkoppeling is een meerwaarde op momenten waarop hard accelereren vervangen wordt door fel remmen. Dat de drie motoren uit deze test onder de 7.000 euro kosten, is gewoon uitstekend nieuws voor wie een veelzijdige en betaalbare nieuwe motorfiets zoekt met een goed sportief potentieel. Yamaha voegt daar een stevige dosis fun en een hoge graad van afwerking aan toe, met als kern een héérlijk blok.

Datzelfde gaat op voor de Kawa die de fun net iets anders benadert maar er anderzijds nog de hierboven genoemde extra's aan toevoegt. Met een identieke prijs zal de keuze qua prestaties en uiterlijk dus afhangen van persoonlijke voorkeur. Met de hoogwaardiger uitrusting, levert de 2020 Z650 het meeste waar voor je geld. Alle motorfietsen uit deze test zijn overigens ook in een A2 versie met 35 kW verkrijgbaar.

Foto's: Andrew Walkinshaw

Meer weten over de Suzuki SV650?

Meer weten over de Kawasaki Z650?

Meer weten over de Yamaha MT-07?

Bekijk hier de uitgebreide fotogalerij van deze vergelijkingstest

Reageren

Registreer of log in om te reageren...