Test: Harley-Davidson softails

door motornieuws 7 februari 2020

Zelden krijgen we de mogelijkheid om uitgebreid een hele modellenreeks van een motormerk tegelijkertijd te rijden, maar Harley-Davidson gaf ons onlangs die kans met hun Softail-gamma. Rijden, afstappen, ander model kiezen, opstappen en terug rijden: H-D begrijpt dat er geen betere manier bestaat om de karakterverschillen tussen de verschillende varianten grondig onder de loep te nemen. Voor ieder wat wils? Wij gingen het na!

TEKST: Jaap Van Der Sar

H-D's Street Bob

Om maar meteen met de deur in huis te vallen; de volledige familie Softail is niet aanwezig. Die bestaat namelijk uit maar liefst elf leden, zelfs voor ons doorwinterde motards iets teveel om in een vergelijkende test te proppen. Harley heeft daarom in alle wijsheid besloten om te gaan voor de vijf meest afwijkende karakters in de familie.

Die vijf dat zijn allemansvriend Sport Glide, oldschool apehanger Street Bob, retrokoning Heritage Classic, boze broertje Low Rider S en tenslotte brutale neef Fat Bob. Allemaal voorzien van de achternaam Softail, maar zoals het een goede familie betaamt, draagt iedereen die naam op geheel eigen wijze. Wat ze delen: Een uiteraard zeer potente Milwaukee Eight V-twin in 107 of 114 kubieke inch-variant en een uitstekend ontworpen, door de wol geverfd Softail frame.

De Milwaukee Eight V-Twin in 114ci-variant

Heritage classic

We trappen af met de Heritage Classic, waarvan de marketinggoeroe's bij Harley-Davidson zelf beweren dat het een "donkere bladzijde in onze familiegeschiedenis" betreft. Mwah. Als je voor de donkere lakoptie kiest misschien, of even staart naar het prijskaartje dat de rest van de familie ruim overtreft. Met zijn spaakwielen, scherm en klassieke lijnen straalt de Heritage Classic echter niets agressiefs uit, maar eerder een nostalgische blik naar het verleden.

Met een startprijs van bijna 25.000 euro is het wel meteen de duurste Softail op de lijst, maar daar krijg je dan wel het allerdikste, 114 cubic inch tellende Milwaukee Eight blok tussen de knieën voor terug. Voor de toerliefhebber betekent dat dus de ultieme relaxbeleving, want dankzij de 155 Nm koppel hoef je de zesversnellingsbak eigenlijk nauwelijks te beroeren. Dat de Heritage Classic een stevige 316 kilo weegt is dan ineens een bijzaak. Zeker nadat je de spieren hebt getraind tijdens het manoeuvreren uit je garage of parkeerplaats.

De Heritage Classic voor een old-school Harley-gevoel

Oldschool Harleygevoel, modern comfort

Eenmaal op de "open road" adem je uit, zet je de laarzen op de lange treeplanken en schakelt je blik automatisch naar stadje oneindig door het grote windscherm. Het ouderwetse Harley-gevoel komt in deze Softail zonder twijfel het beste tot z’n recht. En voor wie nog in de veronderstelling leeft dat er met grote Harley’s geen bocht te maken valt, of dat de boel onder het juk van een trillende V-twin langzaam uit elkaar rammelt: welkom in 2020. Een Softail anno nu is een strak ontworpen machine waarmee het heel aangenaam sturen is.

Eenmaal op de "open road" adem je uit, zet je de laarzen op de lange treeplanken en schakelt je blik automatisch naar stadje oneindig door het grote windscherm.


De Heritage Classic is dan wel klassiek van naam, maar slingerend door de uitlopers van de Spaanse Sierra Nevada valt op dat de Classic geen enkele steek laat vallen. Pas als de treeplanken het asfalt beginnen te kussen, is het tijd om de hellingshoek niet verder op te laten lopen. De Classic bezorgt je nooit zenuwen en loodst je doeltreffend door de ingezette lijn. Best een prestatie voor zo'n zware jongen. Perfect voor de groottoerist, de kilometervreter en liefhebbers van karrenvrachten koppel. Missen we nog iets in de mix? Nou, vooruit, een tweede remschijf aan de voorzijde is geen overbodige luxe. Om snel tot stilstand te komen is een flinke trap op de achterrem noodzakelijk. Maar goed, dat is de klassieke Harley-Davidson liefhebber wel gewend.

Heritage classic

Sport Glide

We kennen hem alweer een jaar of twee, de Sport Gilde. Toen we hem nét reden, was het een verademing in gebruiksgemak en verraste het erg strakke stuurgedrag ons. Daarbij kwamen leukigheden als een afneembare kuip en koffers die je binnen een handomdraai verwijdert waardoor je een toermachine binnen no-time verandert in een klassieke naked bike. Inmiddels zijn we wel gewend aan de uiterst soepel draaiende Milwaukee Eight, maar destijds was de krachtbron een verademing en een toonbeeld van hoe H-D het óók kan.

Na het rijden met de Heritage Classic is het logisch dat de term 'lichtvoetig' meteen de kop opsteekt. Dat is best bijzonder, met name omdat hij maar een kilo of 10 lichter is dan de Classic. Maar hoe het ook zij, de upside-down voorvork en een stevigere vering aan de achterzijde dragen bij aan de categorie 'Sport' dat deze Softail in het DNA geprogrammeerd heeft gekregen.

Sport Glide

Sportey Davidson

Natuurlijk maakt de 107 cubic inch twin iets minder vette klappen dan de 114 Cubic Inch variant. Het scheelt ook 10 Nm aan koppel, maar dat merk je eigenlijk alleen maar als je de machine helemaal uitmelkt. Wie doet dat nu met een Harley, horen we jullie denken. Wel, het rijkarakter van de Sport Glide daagt je wel degelijk uit om maximaal te gaan. En dat kan, want je kunt er - zeker voor een Cruiser - behoorlijke hellingshoeken mee maken mede dankzij het veerwerk uit de schappen van de firma Showa. De Sport Glide rijdt gemakkelijk en kent eigenlijk geen rauwe randjes. Daarmee positioneert hij zich wat ons betreft als een van de beste opties van de familie, zeker gezien het prijskaartje. Met €19.100 is dat nog steeds fors, maar vergeleken met de rest zit de Sport Glide aardig in het midden.

Het 107ci-blok creëert 10 Nm minder koppel dan zijn groter broer met 114ci

Street Bob

Van gemiddeld in prijs gaan we soepel door naar het absolute koopje van de familie Softail: de Street Bob 107. Zoals uit de titel al blijkt is die voorzien van de 107 Ci V-Twin die ook de Sport Glide aandrijft. Met een prijskaartje van €14.900 is de Street Bob voor de portemonnee in ieder geval de meest aantrekkelijke, maar in vergelijking met de Sport Glide vertaalt zich dat in een duidelijk minder sportieve veerpartij. Niet erg als je "op z’'n Harley's" vooral het toeren ambieert, want over comfort hebben we niets te klagen. Pas als je de Street gaat rijden als een Sport Glide valt op dat hij minder strak op de lijn blijft, helemaal als het asfalt wat pokdalige plekken vertoont. Wel geniet je, ook met de Street, van datzelfde lage zwaartepunt en een prima zitpositie.

Pas als je de Street gaat rijden als een Sport Glide valt op dat hij minder strak op de lijn blijft, helemaal als het asfalt wat pokdalige plekken vertoont.


En dan dat stuur. Dat ziet er verrekte gaaf uit. Helemaal in symbiose met dat kleine schermpje, fraai verwerkt in de riser van het stuur en verbonden met die prachtige spaakwielen. Maar zo'n "apehanger" heeft als nadeel dat je op de snelweg een opperbeste imitatie van een vliegeraar neerzet. Voor dat schermpje geldt dan weer dat het natuurlijk heel 'clean' weggewerkt is, maar je zet best je leesbril op als je tijdens het rijden een globaal idee wilt krijgen van je snelheid en andere nuttige info. Is dat erg? Nee. Niet als je gaat voor een vleugje 'Easy Rider' en de iconische Harley-Davidson look. Dan vergeef je hem ook het gebrek aan een tweede remschijf vooraan, want de beduidend lagere prijs dient tenslotte ergens vandaan te komen. Ons favoriete familielid is de Street Bob echter niet.

Street Bob

Fat Bob

De ene Bob is de andere niet. Van Street Bob gaat het naar Fat Bob en meteen blijkt dat dit geen eeneiige tweeling betreft. Alleen al van het front bezien is de 'Fat' een heel andere machine, dankzij dat moddervette voorwiel (what's in a name), een breed laag stuur en natuurlijk die doodserieuze, rechthoekige en priemende koplamp die dankzij felle LED's snoeihard in je gezicht mept. Fat Bob is klaar en duidelijk. Deze lamp in je spiegels betekent: 'aan de kant en opzouten'. Dat doe je dan ook, want de 107-machine is, mits voorzien van de juiste uitlaten, zelfs voor die dikke Bob meer dan voldoende om je kennis te laten maken met zijn achterzijde. Wij reden met de 114 Ci-variant, die voor €19.600 in de prijslijst staat.

Over dat rijden kunnen we kort zijn. Want hoewel het idee van een achterband als voorwiel wellicht niet veel goeds doet vermoeden werkt het voor de rijbeleving wonderwel uitstekend. Dikke Bob laat zich prinsheerlijk van bocht naar bocht smijten, waarbij de zitpositie met dat brede en lage stuur je automatisch wat sportiever de hoek in laat duiken. Dat houd je bovendien goed vol in stevige hellingshoeken, want het duurt echt wel even voor Fat Bob de voetsteunen aan de grond heeft. Net als de Heritage Classic en de Sport Glide is dikke Bob een echt goed sturende Harley Davidson, die daarbovenop dankzij uitmuntende styling een bak agressie en een fraaie 'road presence' toevoegt. En, halleluja, twee remschijven vooraan zorgen zeker voor extra gevoel en veiligheid bij vol in de ankers gaan.

Fat Bob

Low Rider S

Na het stuurfeest met Fat Bob komen we tenslotte uit bij de Low Rider S. Deze Performance Beach Cruiser is de laatst geïntroduceerde telg van de familie Softail. Als je in je directe omgeving geen strand weet liggen voldoet de term powercruiser zeker ook. Uitgerust met het 114 Ci blok en de looks van de Low Rider modellen uit de eighties staat hier een machine met ballen. En met dubbele 300 mm remschijven vooraan, waar we inmiddels op voorhand erg blij van worden als het om een softail gaat. In vergelijking met de rest van de familie valt de Low Rider S qua stuurgevoel meer in lijn met de Fat Bob. En dat is goed nieuws, want net als bij Fat Bob is de Low Rider een feestbeest in het bochtenwerk.

Uitgerust met het 114 Ci blok en de looks van de Low Rider modellen uit de eighties staat hier een machine met ballen.


Het brede offroadstuur op risers maakt dat je zithuizing in het begin even wennen is, maar tot op behoorlijk hoge snelheid haalt dat kleine kuipje net voldoende winddruk van de bocht om geen lamme armen te krijgen. En nog beter: de Low Rider S stuurt wellicht dankzij het iets smallere voorwiel nog net een tandje gemakkelijker in dan Fat Bob, waarmee hij qua neutraal stuurgevoel meer in de lijn van de Sport Glide terecht komt. Maar dan wel met wat ruigere looks.

Low Rider S

Iedereen wint

Daarmee komen we tot de conclusie van deze rit. Na vijf toertjes op evenveel verschillende Softails kunnen we met zekerheid stellen: met álle edities haal je zeker en vast een heerlijk sturende machine in huis die de spirit van H-D in hun kloppende MIlwaukee Eight-hart meedragen. Tegelijkertijd zijn de karakterverschillen aanwezig, waarneembaar en zeker en vast evident. Het is maar net waar je op valt. Voor ons mogen ze alleszins de Low Rider S meteen klaarzetten. Inpakken hoeft niet.

Meer weten over het hele Softail-gamma?

Technische gegevens en prijzen van de Softail

Aandrijving
Type: Lucht- en oliegekoelde 45 graden V-twin
Cilinderinhoud: 1745 cc (107 Ci) of 1868 cc (114 Ci)
Maximaal vermogen: 93 pk / 69 kW (107 Ci) of 101 pk / 75 kW (114 Ci) @ 5.020 tpm
Maximaal koppel: 145 Nm (107 Ci) of 155 Nm (114 Ci) @ 3.500 tpm
Transmissie: 6 versnellingen
Eindoverbrenging: Riem

Rijwielgedeelte
Frame: Stalen ruggengraatframe
Voorvork: verschilt per model
Achterschokbreker: idem
Remmen voor: enkele / dubbele schijf voor, vierzuiger remklauw
Achter: enkele schijf met tweezuigerklauw

Startprijzen
BELGIË
Heritage Classic: €24.800
Sport Glide: €19.100
Street Bob: €14.900
Fat Bob: €18.100
Lowrider S: €20.000

NEDERLAND
Heritage Classic: €26.900
Sport Glide: €22.000
Street Bob: €17.500
Fat Bob: €20.900
Lowrider S: €23.500

Bekijk hier foto's van alle geteste Softails

Reageren

Registreer of log in om te reageren...